Klein koolwitje

Klein koolwitje (foto: Bart Heijne)
Pieris rapae
Het Klein koolwitje is algemeen en is net als het Klein geaderd witje wit gekleurd. De voorvleugels hebben een zwarte vleugelpunt; deze vlek loopt langs de vleugelrand naar beneden tot boven de twee zwarte stippen op het midden van de voorvleugel. In tegenstelling tot het Klein geaderd witje zijn de aders op de onderkant van de achtervleugels van het Klein koolwitje niet bestoven. De soort is mogelijk te verwarren met het Groot koolwitje, waarvan de zwarte vleugelpunt doorloopt tot voorbij de bovenste zwarte stip op de voorvleugels.
Het klein koolwitje is vrijwel overal aan te treffen: in ruigten, graslanden, bos- en akkerranden, braakliggend terrein, parken en (moes)tuinen. Vergeleken met het Klein geaderd witje komt het Klein koolwitje meer voor in cultuurgebied en droger terrein. Het Klein koolwitje vliegt van begin april tot half oktober in meerdere generaties. Als waardplant worden allerlei kruisbloemigen gebruikt. In het voorjaar worden eitjes vooral op wilde planten afgezet, terwijl dat in de zomer meer op planten in (moes)tuinen gebeurd. Imago’s zijn op een groot aantal verschillende soorten nectarplanten foeragerend aangetroffen, waaronder Grote kattenstaart, Akkerdistel en Kool. In 2014 is het Klein koolwitje vooral waargenomen in de pioniervegetatie in de Papierweide (V). De soort was afwezig bij de (gedeeltelijk) open waterloop in het centrum van het beekdal (D).
Meer informatie: www.vlinderstichting.nl/vlinders/overzicht-vlinders/details-vlinder/klein-koolwitje